Van veren tot vet, vogels hebben meerdere trucjes om warm te kunnen blijven als de temperaturen dalen. Dat heeft de natuur gewoon helemaal goed geregeld. Gaaf hè? Hoe dat allemaal precies werkt, lees je in dit blog.
In de herfst trekken veel vogels weg
Het is elk jaar in de herfst weer hetzelfde tafereel. Een deel van de vogels begint aan een lange verre reis. Op zoek naar een plek met een warm klimaat om de winter te kunnen verblijven. Anderen blijven in Nederland en vermijden juist de gevaren van de verre trek. Daar staat dan wel tegenover dat ze de kou hier moeten doorstaan en voldoende vogelvoer moeten kunnen vinden.
Vogels kunnen zichzelf goed warm houden
Net als mensen zijn vogels warmbloedig. Dat betekent dat hun lichaam een hele constante temperatuur heeft. Voor vogels ligt dat rond de 41°C, net iets warmer dan mensen dus. Om dat voor elkaar te kunnen krijgen, hebben ze verschillende trucjes.
Zo zoeken mussen en andere kleine vogels bijvoorbeeld de beschutting van dichte groene struiken en holtes van boomstammen. Ze kruipen lekker dicht bij elkaar om de warmte te delen. En ze proberen zich zo klein mogelijk te maken, dus de kop en voeten ingetrokken. De veren zetten ze juist ruim op. Zo ontstaat er een laagje lucht tussen en dat isoleert heel goed.
Ook zijn vogels goed in het reguleren van hun bloedcirculatie. Ze zorgen ervoor dat het warme bloed vooral in de buurt van hun vitale organen blijft. Zo kunnen eenden en meeuwen prima op koud ijs staan, met hele koude pootjes, terwijl de kern van hun lichaam nog steeds lekker warm is. Best knap.
Vetbollen voor vogels
Een andere handigheid is dat veel vogels extra vet kunnen opnemen. Soms kunnen ze tot wel 10 procent van hun eigen lichaamsgewicht erbij krijgen. Heel handig als isolatie en ook als energiebron. En dat is ook precies de reden waarom je vogels in de winterdag de hele dag door druk bezig ziet met het verzamelen van voedsel. Ze hebben de extra vetten zoals die van pindakaas en vetbollen echt hard nodig. Het geen overbodige luxe om in de winter de vogels te voeren.
Veelgestelde vragen
Hoe gaan tuinvogels om met de kou?
Vogels verhogen hun metabolisme bij kou en eten meer om de lichaamstemperatuur (40–42°C) op peil te houden. Ze pluizen hun veren op (luchtlaag als isolatie), trekken één poot in de buik en slapen dicht bij anderen voor warmte. Sommige soorten gaan samen slapen in nestkasten.
Kunnen kleine vogels bevriezen bij strenge vorst?
Ja, kleine vogels als de winterkoning en staartmees zijn kwetsbaar bij extreme kou (-10°C en meer). Ze hebben een hoge energiebehoefte maar kleine vetreserves. Een voederhuisje kan letterlijk levensreddend zijn: vogels die 's ochtends niet bijvullen overleven een strenge nacht soms niet.
Waarom zijn kleine vogels zo gevoelig voor kou?
Kleine vogels hebben een groot oppervlak in verhouding tot hun massa — ze verliezen daardoor relatief meer warmte. Een koolmees van 18 gram moet continu eten om zijn temperatuur op peil te houden. Elke nacht verliest hij tot 10% van zijn lichaamsgewicht, dat 's ochtends snel aangevuld moet worden.
Slaap vogels samen om warm te blijven?
Ja, sommige soorten slapen in groepjes bij kou. Winterkoninkjes zijn bekend om massaal samen te slapen in nestkasten — soms meer dan 50 exemplaren in één kast. Staartmezen slapen dicht bij elkaar in een rij op een tak. Gemeenschappelijk slapen reduceert warmteverlies drastisch.
Hoe help ik vogels bij extreme vorst?
Vul het voederhuisje 's ochtends vroeg bij met calorierijke producten: vetbollen, mezenbolletjes, zonnebloempitten. Zorg voor ijsvrij water. Bescherm het voederhuisje tegen wind. Hang extra nestkasten of slaapkasten op als schuilplaats. Een volle tuin kan een populatie door de zwaarste winter helpen.